Tom Egbers over Toms Ierland ‘En nu vooruit graag’

Televizier logo

Geplaatst op 23 November om 11:00

Informatief

Documentaireserie

Na een serie over Engeland, het land van zijn moeder, dook Tom Egbers verder terug in de geschiedenis van zijn familie. In Toms Ierland leert hij het land van zijn grootvader kennen.

Tekst: Bram de Graaf

Na een serie over Engeland, het land van zijn moeder, dook Tom Egbers verder terug in de geschiedenis van zijn familie. In Toms Ierland leert hij het land van zijn grootvader kennen.

Trots laat Tom Egbers (62) in een café in Amsterdam Oud-Zuid de trailer zien van Toms Ierland, zijn nieuwe programma. Hij rijdt door het ruige Ierse landschap, interviewt verschillende mensen en speelt op een ukelele mee met straatmuzikanten. Plotseling staat er een wildvreemde man aan onze tafel. “Superfijn dat je er weer bent, Tom”, zegt hij. “Goed gedaan!” Hij legt zijn hand op zijn hart. “Dank je wel”, zegt Tom.

Gebeurt dit vaker?
“Continu. Het ontroert me. Ik kreeg ook veel post tijdens mijn ziekteverlof. Leuk, maar tegelijkertijd is het een confrontatie met wat er is gebeurd. Het medeleven heeft geholpen, maar nu vooruit graag!”

Afgelopen zomer, op vakantie in Griekenland, kreeg Tom een hartaanval. Twee maanden was hij uit de running, maar begin oktober pakte hij de presentatie van Studio sport Eredivisie weer op. Hij deed zijn verhaal in een krant en bij De wereld draait door en daarmee was het voor hem klaar. Hij wil niet ‘die man van de hartaanval’ worden, hij zit hier om te praten over Toms Ierland, dat hij dit voorjaar opnam. Toms grootvader Thomas Duffy was een Ier. Hij verliet Ierland eind negentiende eeuw, toen het werd geteisterd door hongersnood, en vestigde zich in Engeland, waar Toms moeder werd geboren.  

Vorig jaar maakte je Toms Engeland. Wat is het grote verschil tussen de twee landen?
“Ierland is nooit een kolonisator geweest, dat zie je terug in de mentaliteit. Ieren zijn gezelliger en minder formeel. Ik vind het een sympathieker land. Mensen nodigen je meteen uit om mee te doen, vragen wie je bent en vertellen over zichzelf. Engeland is veel stijver, de klassenverschillen zijn er groter. Als je door dat land rijdt, zie je hier een kasteel, daar een landgoed. Ierland is puur, arm en ruig.”

Was het een onbekend land voor je?
“Ik was er alleen geweest voor sportwedstrijden. Een paar jaar geleden ontdekte ik door Verborgen verleden dat mijn familie er vandaan kwam. Toen heb ik er met mijn vrouw een weekje rondgereden, de toeristische route. Nu heb ik het land van binnen en buiten gezien. Ik ben ook op de plek geweest waar mijn familie woonde. Dat was te gek.”

Wat verraste je het meest?
“Ierland is een heel vooruitstrevend land. Je denkt dat ze onder het juk van de Rooms-Katholieke Kerk en de Engelsen zitten, maar dat hebben ze afgeworpen. Hoewel de rooms-katholieke cultuur diep in de poriën van de Ieren zit, is er een groeiende groep jongeren die zegt: ‘Homoseksualiteit en abortus horen erbij’.”

Neemt de interesse in je eigen verleden toe nu je ouder wordt?
“Ja. Mijn Engelse oma zei altijd: vergeet nooit waar je vandaan komt. Je bent je vader en je moeder. Ook al heb ik een Nederlands paspoort, ik heb me altijd deels Brits gevoeld. Elk jaar gingen we twee keer naar familie in Engeland. Feitelijk ben ik, met één buitenlandse ouder, een allochtoon. Mijn moeder was diep van binnen erg gehecht aan Engeland. Na het overlijden van mijn vader overwoog ze om met mijn broertje en mij terug te gaan. Ze is voor ons hier gebleven.”

Was het die Engelse kant waarmee je opviel op de school voor journalistiek in Utrecht? Je stond bekend als een kakker die in een Jaguar reed.
“Het was de auto van mijn moeder, die ik één keer mocht lenen. Die school had een wat linkse, progressieve signatuur. Er kwamen mensen uit de beroepsgroep vertellen over hun vak, zoals Van Kooten en De Bie en Sonja Barend. Tijdens een reis door Amerika ontmoette ik een Witte Huis-adviseur. Ik stelde voor hem ook uit te nodigen. Dat was onbespreekbaar: Amerika was fout. Ik was geen meeloper, deed niet mee met die linkse dingen. Ik wilde zelf iemand zijn.”

Ook bij Studio sport ben je geen meeloper: een collega noemde je qua sportbeleving een romanticus.
“In die zin ben ik ook Engels: het gaat mij niet alleen om de feiten, cijfertjes en  uitslagen, maar ook om het spel, de tribune, de gezangen, het verhaal erachter. Dat heb ik privé ook, ik word graag meegevoerd. In Engeland ligt op elke hoek van de straat een verhaal, het is het land van de verhalenvertellers, zoals Shakespeare. Zelfs de voetbalstadions zien eruit als een theater. Dat past bij me.”

Zat je bij Studio sport in een sneltrein die 35 jaar doordenderde, totdat er deze zomer aan de noodrem werd getrokken?  
“Op sommige momenten voelde het wel zo, ja. En als je maar doorgaat, denk je niet na. Het werk was soms pittig. Kwam ik ’s nachts om half een thuis en moest ik om zes uur weer op Schiphol zijn. Als je jong bent, kan dat. Als je ouder bent niet. Door dat drukke bestaan heb ik veel gemist op persoonlijk vlak. Mijn zoon was vier en had een vriendje thuis te spelen. Dat vriendje was in tranen omdat hij zijn vader weinig zag. Toen zei mijn zoon: ‘Dan zet je toch gewoon de televisie aan?’ Zo zag hij me. Daar heb ik spijt van, ik had dat anders moeten doen.”

Je vader overleed op z’n 46e aan een hartstilstand. Na een optreden in DWDD dit voorjaar kwamen er reacties dat je er slecht uitzag. Heb je de voortekenen genegeerd?
“Tot een paar jaar geleden was ik een sportief type. Alleen rookte ik, dat was niet verstandig. En ik lustte een wijntje of twee. Niet verstandig. Toen ik bij Matthijs zat, was ik juist begonnen met gezonder te leven. Ik was bewust aan het afvallen, want ik had in de spiegel gekeken en dacht: jeetje, ben ik dat? Maar kennelijk was ik niet kerngezond.”  

Wat heb je de afgelopen maanden geleerd?
“Dat ook mijn leven eindig is. Raar, maar onontkoombaar. Sinds deze zomer pak ik dingen anders aan. Ik doe wat ik moet doen, zoals mijn werk en andere verplichtingen, maar ik ben me veel bewuster van de essentiële dingen. En mijn carrière is met voorsprong het minst belangrijke in mijn leven. Ik kijk ook anders naar zaken. Voor kunst neem ik echt de tijd. En ik kijk langer naar mijn vrouw als ze bezig is. Dan denk ik: wat is ze toch mooi!”

Stel: Oranje speelt op 12 juli 2020 de EK-finale op Wembley…
“Daar ben ik bij!”

… en dezelfde avond staat je dochter Amy, die operazangeres is, voor het eerst in Carré. Wat kies je?
Lange stilte. “Daar moet ik over nadenken. Amy zal vaker in Carré staan… Maar ja, het is een mijlpaal…. Toch Carré, denk ik. Ik heb met het Nederlands elftal al de meest fantastische dingen meegemaakt. Om daarmee per se door te willen gaan tot na je tachtigste heeft iets sneus. Op een moment moet je anderen een kans geven.”

Je bedoelt: ‘Ik wil geen Mart Smeets worden’?
“Ging dit gesprek niet over Ierland? Mart is Mart, en ik ben Tom.”

Paspoort
Naam: Tom Egbers
Geboren: 18 oktober 1957 in Almelo.
Privé: Woont in Amsterdam, is sinds 1991 getrouwd met actrice/presentatrice Janke Dekker. Ze hebben twee kinderen: Amy (26) en Rick (22).
Carrière: Nadat bleek dat een loopbaan als profvoetballer of beroepsmuzikant er niet in zat, studeerde Tom journalistiek in Utrecht. Via Koos Postema belandde hij in 1984 bij Studio sport. In 1990 ging hij naar Veronica waar hij Stop de persen en Nieuwslijn presenteerde. Sinds 1992 is hij terug bij de NOS, waar hij op zondagavond NOS Studio sport Eredivisie doet en de wedstrijden van Oranje en Andere tijden sport.

Toms Ierland, zaterdag  NPO 2, NTR | 20:20 uur

Bekijk ook